Kop-hals-rompboerderij Roderwolde

Inleiding

KOP-HALS-ROMPBOERDERIJ gebouwd in een Ambachtelijk-traditionele bouwtrant met opmerkelijke Fries/Groningse invloeden. De boerderij heeft een samengestelde plattegrond en is gedeeltelijk onderkelderd. De kop-hals-rompboerderij is het resultaat van een gevolgtijdige ontwikkeling, waarbij het voorhuis het oudste onderdeel vormt. Kenmerkend voor de rijke bouwgeschiedenis is onder meer de toepassing van kloostermoppen ter plaatse van de onderzijde van de gevels van het voorhuis. Het ontstaan van de huidige boerderij gaat terug tot in ieder geval de achttiende eeuw. Gegevens over de bewoningsgeschiedenis op deze plek gaan zelfs terug tot 1630, toen Bene Jansen eigenaar was en Jan Lykles meijer (Grondschattingsregister).
Ondanks een aantal latere verbouwingen is de hoofdvorm van het pand intact gebleven. De westelijke gevel van de hals is in 1996 bij een verbouwing naar ontwerp van H. Boerema opnieuw opgemetseld en voorzien van een groot samengesteld venster (tekening gedateerd oktober 1993). De daarvoor aanwezige dakopbouw (waarschijnlijk uit de jaren vijftig van de twintigste eeuw) is hierbij verwijderd. Ook in de gevels van de schuur zijn ten behoeve van de woonfunctie enkele wijzigingen aangebracht. De oorspronkelijke baanders in de achtergevel zijn dichtgemetseld. Deze wijzigingen zijn echter ondergeschikt aan het totaalbeeld.
De boerderij is gesitueerd in het oude bebouwingslint van Sandebuur. De boerderij staat op een ruim erf met oude fruitbomen, een siertuin en een recent aangeplante beukenhaag; de oorspronkelijke agrarische context is nog grotendeels aanwezig.

Omschrijving

De uit 1 bouwlaag bestaande en gedeeltelijk onderkelderde KOP-HALS-ROMPBOERDERIJ op samengestelde plattegrond is opgetrokken in rode baksteen op een trasraam dat gedeeltelijk bestaat uit kloostermoppen. Het woonhuis en de hals worden beide gedekt door een zadeldak met daarop een oranje opnieuw verbeterde Hollandse pan van een Romaans type. Op beide zijden van het voorhuis een van rode baksteen gemetselde nokhoekschoorsteen; uitkragende houten bakgoot met geprofileerde gootlijst; later aangebracht dakvenster in oostelijk en westelijk dakschild. Het voorhuis is uitgevoerd met windveren en dekkers die recentelijk zijn aangebracht als gevolg van het aanbrengen van dakisolatie.
De hals heeft een uitkragende houten bakgoot met geprofileerde gootlijst.
De schuur is gedekt met een rieten kap met aan de zuid- en westzijde drie rijen pannen, waarin aan de westzijde 5 recente dakvensters zijn aangebracht; golfplaten onderlangs het riet aan de oostzijde; later aangebrachte oranje keramische rietvorsten, uilenborden en kunststof goot.
De zuidelijke voorgevel wordt geleed door twee 6-ruits schuifvensters met houten lekdorpel; twee houten 4-ruits staande zoldervensters op rollaag, beide vensters zijn boogvormig gesloten. Links in de voorgevel een keldervenster voorzien van diefijzer. In de topgevel is het metselwerk voorzien van vlechtingen; smeedijzeren staafankers. De drie gevelankers in de topgevel van de voorgevel zijn aan de onderzijde haakvormig gebogen. Onduidelijk is of deze haakvorm samenhangt met een bepaalde functie. In de oostelijke gevel heeft het voorhuis twee grote en in de hals twee kleinere 6-ruits schuifvensters met houten lekdorpel. Geheel rechts is een toegangsdeur dichtgemetseld en is op de plaats van de vroeger deur een hoog geplaatst doucheraam aangebracht.
In de westgevel van het voorhuis een staand venster en in de hals een invulling uit 1996 met een samengesteld venster en een deur.
De gevels van de schuur worden geleed door getoogde gietijzeren 2-ruits stalvensters onder rollaag met gemetselde lekdorpel. In de voorgevel van de schuur bevinden zich de baanders, bestaande uit opgeklampte houten deuren. Aan de linkerzijde van de opnieuw opgemetselde noordelijke achtergevel zijn de originele baanders verwijderd. De rechterzijde bevat nog drie van de originele gietijzeren 7-ruits rondboogvensters.
De entree is gelegen rechts in de oostelijke gevel van het voorhuis en bestaat uit een opgeklampte houten deur met bovenlicht voorzien van smeedijzeren levensboom; twee treden hoge opgemetselde stoep uitgevoerd in rode baksteen.
In het interieur van de boerderij zijn diverse waardevolle onderdelen bewaard gebleven. In de schuur is de draagconstructie uitgevoerd als dekbalkgebint, waarbij diverse eikenhouten onderdelen uit een eerdere gebintconstructie zijn hergebruikt. Deze elementen kunnen afkomstig zijn van een voorganger van de huidige boerderij, maar zouden ook van elders kunnen zijn aangevoerd. In het voorhuis van de boerderij is de oorspronkelijke structuur nog zichtbaar met voorkamer (voorheen met bedsteewand), gang en keukenvertrek. De voorkamer is uitgevoerd met authentiek balkenplafond. De voorkamer was voorheen uitgevoerd met bedsteewand. Hieronder is de kelder nog altijd aanwezig, inclusief gemetselde keldertrap. In het keukenvertrek bevindt zich de stookplaats uitgevoerd met hangende boezem met geprofileerd houten lijstwerk. Deze schouw stamt vermoedelijk uit de achttiende eeuw. Opmerkelijk zijn de oorspronkelijke tegels, witjes, met langs de randen blauw-witte Delftse tegels met agrarische voorstellingen met figuurtjes. In het middenvlak twee ruitvormen opgebouwd uit ieder vier zogeheten wezen (tegels die zijn voorzien van blauwe kleurvlakken).
Op de zolders is goed het verloop van de gemetselde schoorsteenkanalen te zien. Verder is hier de steunconstructie zichtbaar bestaande uit zogeheten houten sloffen die rusten op het onderliggende balkenplafond. Vanuit de zolder boven de keuken is de later dichtgezette doorgang naar de voorzolder zichtbaar.

Waardering

De kop-hals-rompboerderij is van algemeen belang voor de provincie Drenthe op grond van de volgende criteria:

Cultuurhistorische waarde

  • vanwege de waarde van de kop-hals-rompboerderij als bijzondere uitdrukking van de ontwikkeling van het Drentse, gemengde boerenbedrijf en de Fries/Groningse invloeden in Noordwest Drenthe

Architectuurhistorische waarde

  • als bijzondere uitdrukking van een kop-rompboerderij met een schuur van het Fries-Groningse type in Ambachtelijk-traditionele stijl
  • vanwege de esthetische kwaliteiten van de boerderij
  • vanwege het kenmerkende materiaalgebruik en de zorgvuldige detaillering in Ambachtelijk-traditionele stijl

Stedenbouwkundige/ensemble waarde

  • vanwege de beeldbepalende ligging aan het oude bebouwingslint van Sandebuur, als kenmerkend onderdeel van de historische agrarische bebouwing binnen het cultuurhistorisch waardevolle gebied van Roderwolde en omstreken

Gaafheid

  • vanwege de redelijke mate van gaafheid van zowel het exterieur als onderdelen van het interieur van de boerderij
  • vanwege de waarde van de boerderij in relatie tot de gaaf bewaarde stedenbouwkundige structuur binnen het cultuurhistorisch waardevolle gebied van Roderwolde en omstreken

Zeldzaamheid

  • vanwege de redelijke mate van zeldzaamheid van de boerderij in de provincie Drenthe in relatie tot de voornoemde cultuurhistorische, architectonische en stedenbouwkundige kenmerken