Krimpenboerderij Een

Inleiding

Een volgens een gevelsteen in 1937 gebouwde KRIMPENBOERDERIJ met HEKPIJLERS in een sterk verstrakte variant van de Amsterdamse Schoolstijl. Deze ontginningsboerderij van het krimpentype is genaamd ‘Ceres Hoeve’. De boerderij heeft een kenmerkende erfaanleg compleet met oprijlaan en voorerf uitgevoerd als diepe siertuin met fors centraal gazon waaromheen sierperken. Hoewel de gemetselde hekpijlers aan de weg nog wel aanwezig zijn, ontbreekt het bijbehorende smeedijzeren hekwerk. In 1990 is aan de westzijde van de boerderij een nieuwe schuur geplaatst die niet onder de provinciale bescherming valt. De windveren, goten en afvoeren rond het bedrijfsgedeelte zijn later gewijzigd. Volgens gegevens van de eigenaar zijn de dakplaten op het schuurdak wel authentiek. Het pand ligt buiten de bebouwde kom van Een.

Omschrijving

De uit 1 bouwlaag bestaande en gedeeltelijk onderkelderde KRIMPENBOERDERIJ op samengestelde plattegrond is opgetrokken in rode baksteen, rond het woongedeelte op een trasraam van genuanceerde rood/paarse metselklinker onder strekkenlaag. Rond het bedrijfsgedeelte een lager trasraam onder rollaag.
Het woonhuis wordt gedekt door een aan de voor(zuid)zijde overkragend zadeldak met uitkragende bakgoot dat is belegd met een ongeglazuurde oranjerode Verbeterde Hollandse pan. De uitkragende goot is later betimmerd met kunststof delen, evenals de verticale betimmering in de nok van de voorgevel.
Op het dak een gemetselde nokschoorsteen met uitkragende rand en op zowel het westelijk- als het oostelijk dakschild een 2-ruits dakkapel onder overkragend plat dak.
De kap van het bedrijfsgedeelte bestaat uit dakplaten, niet originele stalen windveren, goten en hemelwaterafvoeren.
Tegen het midden van de voorgevel boven de entree een natuurstenen balkon op natuurstenen consoles met later vervangen metalen hekwerk en een tweedelig, op het balkon uitkomend venster met aan weerszijden een staand venster van dezelfde afmeting. Alle vier de vensters liggen in een uitkragend gemetseld vlak onder verder uitkragende rollaag met loket. Hierboven is in gele verblendsteen de naam ‘Ceres Hoeve’ ingemetseld. In de topgevel daarboven een ruitvormig venster. De voorgevel wordt links van de entree geleed door een samengesteld venster met boven- en zijlichten. Aan de rechterzijde een driezijdige erker met dezelfde vensterindeling onder een natuurstenen plat dak met geïntegreerde latei. Tegen de westgevel een erkervormige uitbouw met 1 schuine zijde die doorloopt tot aan de krimp; staand venster met bovenlicht; niet originele deur met bovenlicht en gemetselde stoep met rooster; gevelsteen. Oostgevel met staand- en samengesteld venster met bovenlicht.
Het woongedeelte heeft verder uitkragende banden van rood/paarse metselklinker en uitkragend verticaal siermetselwerk op de westelijke krimp.
De gevels van de aangebouwde schuur worden geleed door 6-ruits smeedijzeren stalramen onder rollaag met brede gemetselde lekdorpel. De achtergevel aan de noordzijde heeft op de verdieping een symmetrische indeling: 4-ruits rondboogvenster in de top; daaronder een 9-ruits smeedijzeren staand venster onder gemetselde rondboog met dichtgemetseld boogveld; daaronder aan beide buitenzijden van de gevel een liggend 6-ruits smeedijzeren venster onder rollaag met lekdorpel; links een dubbele opgeklampte inrijdeur onder betonnen latei; rechts een vernieuwde rondboogdeur onder rollaag; daartussen later aangebrachte inrijdeur.

De entree is gelegen in de (zuidelijke) voorgevel en bestaat uit een van rood/paarse metselklinker gemetselde uitkragende rondboogportiek onder dubbele strekkenlaag; houten paneeldeur met 8-ruits vensterindeling; rondboog bovenlicht; aan weerszijden een tegen de gevel aangemetseld basement met daarop een zuil van verticaal verwerkte rood/paarse baksteen met band en rollaag van rood/paarse baksteen; gemetselde stoep. Vanuit de voortuin biedt een twee treden hoog gemetseld rood bakstenen trapje toegang tot de entree.
Ook de aan het begin van oprijlaan in rode baksteen met rood/paarse banden opgetrokken HEKPIJLERS van het toegangshek vallen onder de provinciale bescherming.

Waardering

De boerderij is van algemeen belang voor de provincie Drenthe op grond van de volgende criteria:

Cultuurhistorische waarde

  • vanwege de waarde van de ontginningsboerderij als bijzondere uitdrukking van de ontwikkeling van het Drentse boerenbedrijf in de eerste helft van de twintigste eeuw.

Architectuurhistorische waarde:

  • als representant van een ontginningsboerderij uitgevoerd als krimpenboerderij en het erf met hekpijlers, in 1937 gebouwd in een sterk verstrakte variant van de Amsterdamse Schoolstijl;
  • vanwege het kenmerkende materiaalgebruik en de opvallende detaillering van de boerderij met hekpijlers in een sterk verstrakte variant van de Amsterdamse Schoolstijl.

Stedenbouwkundige/ensemble waarde

  • vanwege de zeer beeldbepalende ligging van de boerderij en het erf met hekpijlers en als belangwekkend agrarisch onderdeel van de oorspronkelijke, agrarische bebouwingsstructuur;
  • vanwege de samenhang van boerderij met de kenmerkende erfinrichting met oprijlaan en diep voorerf met gazon en sierperken passend bij het oorspronkelijke karakter van de boerderij.

Gaafheid

  • vanwege de redelijke mate van gaafheid van de boerderij en de hoge mate van gaafheid van delen van de erfinrichting met oprijlaan en diep voorerf met gazon en sierperken passend bij het oorspronkelijke karakter van de boerderij;
  • vanwege de waarde van de boerderij in relatie tot de redelijke mate van gaafheid van de directe omgeving en de omliggende bebouwingsstructuur.

Zeldzaamheid

  • vanwege de redelijke mate van zeldzaamheid van de ontginningsboerderij in de provincie Drenthe in relatie tot de voornoemde cultuurhistorische, architectonische en stedenbouwkundige kenmerken.