Dwarshuis Assen

Inleiding

Het omstreeks 1880 gebouwde verdiepingloze DWARSHUIS is vanwege de hoog opgaande middenpartij sterk verwant aan de huizen van het zogenaamde Asser type. Het huis is in 1914 verbouwd in opdracht van G. Ebbink. Waarschijnlijk betrof het een interne verbouwing. De woning heeft geen voortuin en is gelegen op het voormalige kloosterterrein in het oudste deel van het historische centrum. De Kloosterstraat maakt deel uit van het van rijkswege beschermde gezicht van Assen.

Omschrijving

Het uit 1 bouwlaag bestaande DWARSHUIS op rechthoekige plattegrond is opgetrokken in bruin/rode baksteen, ter plaatse van de voorgevel (zuidzijde) op een grijs gepleisterde plint. Het pand wordt gedekt door een asymmetrische mansardekap met op het zuidelijk dakschild een zwart geglazuurde platte Friese pan en op het noordelijk dakschild (achterzijde) een gesmoorde Hollandse golfpan; op de tussenliggende dakschilden mastiek;de randen van de dakschilden zijn voorzien van zinken U-profielen; twee gemetselde schoorstenen met schoorsteenbord op de hoeken van de knik aan de voorzijde; een hoog opgaande gemetselde schoorsteen met schoorsteenbord op de oostelijke hoek van de knik aan de achterzijde. Alle schoorstenen zijn gedeeltelijk opnieuw opgemetseld. De voorgevel wordt aan weerszijden van de middenpartij beëindigd door een kroonlijst met geprofileerde gietijzeren bakgoten. Aan de achterzijde een houten bakgoot op klossen.
De voorgevel heeft een verhoogd middengedeelte met twee getoogde T-vensters onder hanenkam; staafankers; houten fronton met geprofileerde kroonlijst en een taats draaiend gietijzeren roosvenster. De luiken of persiennes van de T-vensters zijn niet meer aanwezig.
De voorgevel wordt op de begane grond geleed door drie getoogde T-vormige schuifvensters onder hanenkam op een natuursteen onderdorpel. Beide zijgevels zijn voorzien van staafankers en op twee niveaus geplaatste gietijzeren roosvensters.
De achtergevel telt vier licht getoogde lage gevelopeningen met daarboven een reeks van vier staafankers.
Aan de achterzijde niet originele aanbouwen die tegen de meest zuidelijke gevelopening zijn aangebouwd.
De entree is gelegen in een getoogde portiek in de voorgevel rechts, van het meest zuidelijke venster en bestaat uit een pseudo paneelvleugeldeur; geprofileerd kalf; getoogd bovenlicht; gepleisterde vloer en plint in de portiek.

Waardering

Het woonhuis is van algemeen provinciaal belang op grond van de volgende criteria:

Cultuurhistorische waarde

  • het dwarshuis vertegenwoordigt cultuurhistorische waarde als bijzondere uitdrukking van de huisvesting van de stedelijke burgerij in Drenthe

Architectuurhistorische waarde

  • vanwege de waarde van het dwarshuis verwant aan het Asser type uit circa 1880 als bijzondere uitdrukking van woonhuisarchitectuur in Ambachtelijk-traditionele trant met enige Neoclassicistische kenmerken in Drenthe;
  • vanwege de esthetische kwaliteiten van het ontwerp;
  • vanwege het kenmerkende materiaalgebruik en de zorgvuldige detaillering in Ambachtelijk-traditionele trant met enige Neoclassicistische kenmerken

Stedenbouwkundige/ensemble waarde

  • vanwege de bijzondere betekenis van het woonhuis voortkomend uit de beeldbepalende situering aan de Kloosterstraat, als belangwekkend onderdeel van de gevelwand in het oudste deel van het centrum gebied en binnen het van rijkswege beschermde gezicht van Assen;
  • vanwege de ensemblewaarde van het dwarshuis met het naastgelegen woonhuis Kloosterstraat 9 dat eveneens wordt aangewezen als provinciaal monument

Gaafheid

  • vanwege de hoge mate van gaafheid van het exterieur van het dwarshuis;
  • vanwege de waarde van het woonhuis in relatie tot de hoge mate van gaafheid van de stedenbouwkundige context en het bebouwingsbeeld van de straatwand gelegen binnen het van rijkswege beschermde gezicht van Assen

Zeldzaamheid

  • vanwege de redelijke mate van zeldzaamheid van het woonhuis in de provincie Drenthe in relatie tot de voornoemde cultuurhistorische, architectonische en stedenbouwkundige kenmerken